Met de raakvlakken van de handen en armen kunnen zoveel verschillende “wapens” gevormd worden, dat het speciale aandacht vereist om het geschikte aanvalswapen te gebruiken voor het geschikte doelwit. Het meest gebruikt bij aanvallen is uiteraard de gesloten vuist, maar ook de rest moet niet onderschat worden in waarde bij verdediging en aanvallen in het gevecht.


Voorvuist (Ap Joomuk)
Voorvuist (Ap Joomuk)
De voorvuist wordt normaal gesproken gebruikt om de bovenlip, ribben, borstbeen, borst, buik, kaak etc. aan te vallen. De hoofdknokkels van de wijsvinger en de middelvinger zijn het stootvlak. De top en de voorkant van de vuist moeten een rechte hoek vormen zodat de raakvlakken het doelwit optimaal raken. De pols mag niet buigen als de vuist is gevormd. De voorvuist wordt af en toe gebruikt bij het duwend blok.

Als de vuist niet dicht en correct gesloten is en als er maar zelfs iets wat lucht inzit, zal de vuist zo zwak zijn als ongehard staal en zo zacht als katoen. De vuist moet erg dicht gesloten zijn op het moment van impact.

Rugkant Vuist (Dung Joomuk)
Rugkant Vuist (Dung Joomuk)
Deze techniek wordt voornamelijk gebruikt om de schedel, voorhoofd, slaap, buik en ribbenkast mee aan te vallen. De bovenbuik is een secundair doelwit. De voorste knokkels van de wijsvinger en middelvinger zijn de gedeeltes die worden gebruikt.

Zijkant Vuist (Yop Joomuk)
Zijkant Vuist (Yop Joomuk)
Deze techniek wordt gebruikt om de schedel, ribben, borstbeen, bovenlip en onderbuik mee aan te vallen. Deze techniek wordt af en toe ook gebruikt bij blokkeringen.

Ondervuist (Mit Joomuk)
Ondervuist (Mit Joomuk)
Rol de vier vingers in de handpalm en duw met de duim enigszins tegen de wijsvinger. Dit wapen is effectief wanner de kaak, lippen, slaap, solar plexus, admasappel of philtrum worden aangevallen. De tweede knokkels van de wijsvinger, middelvinger en ringvinger vormen het gedeelte waarmee geraakt dient te worden.

Lange Vuist (Ghin Joomuk)
Lange Vuist (Ghin Joomuk)
Deze techniek lijkt erg veel op de ondervuist behalve dan dat de voorknokkels erg stijf staan en dat de duim sterk gebogen is, daarbij ruimte openlatend tussen de wijsvinger en de duim. Deze techniek wordt toegepast om de slaap of adamsappel aan te vallen .

Open Vuist (Pyun Joomuk)
Open Vuist (Pyun Joomuk)
Deze techniek wordt verkregen wanneer de pols opwaarts gebogen is en alles behalve de voorknokkels gebogen is in de richting van de handpalm. Deze techniek wordt toegepast om de neus, kaak en de punt van de kin mee aan te vallen. Deze techniek kan in zeldzame gevallen ook worden toegepast bij blokkeringen.

Handpalm (Sonbadak)
Handpalm (Sonbadak)
Buig alle vingers dicht tegen de handpalm aan om deze sterk te maken. Deze techniek wordt toegepast bij blokkeringen en af en toe bij aanvallen op het gezicht.

Knokkelvuist (Sonkarak Joomuk)
Knokkelvuist (Sonkarak Joomuk)
Deze techniek wordt verkregen door een van de secundaire knokkels van de middelvinger of wijsvinger te buigen. De aanval is effectiever op een klein raakvlak en op een korte afstand.

Meshand (Sonkal)
Meshand (Sonkal)
Dit is een erg sterk aanvalswapen, vooral als het gebruikt wordt tegen een zijwaarts doelwit. Deze techniek wordt gebruikt om de slaap, schedel, nek, neusbrug, bovenlip, schouder en ribbenkast mee aan te vallen. De meshand wordt ook vaak toegepast bij blokkeringen.

Tegengesteld Meshand (Sonkaldung)
Tegengesteld Meshand (Sonkaldung)

Deze techniek wordt verkregen als de pols licht gebogen is tegen de richting van de duim en wordt gebruikt om de slaap en of ribbenkast aan te vallen. Het raakvlak is de zijkant van de voorste vinger.

Vingertoppen (Sonkut)
Vingertoppen (Sonkut)
Aanvalstechnieken met de vingertoppen komt men alleen maar tegen in Taekwon-Do. Het gebruik van deze techniek is afhankelijk van het doelwit. De vorm van de hand is hetzelfde als die van de meshand voor zover het de gestrektheid, vlakke en omhoog gerichte vingertoppen betreft. De vingertoppen zijn de gedeeltes die worden gebruikt en de nadruk wordt gelegd op het op één lijn krijgen van de drie vingertoppen, te weten de wijsvinger, middelvinger en ringvinger.

Duim (Umji)
Duim (Umji)
Beweeg de duim uit de voorvuist. Buig geen enkel gedeelte van de duim. Deze techniek wordt toegepast om te drukken op het borstbeen, ribben, ogen, oksel en luchtpijp.

Wijsvinger (Han Sonkarak)
Wijsvinger (Han Sonkarak)
De wijsvinger is gestrekt, maar licht gebogen terwijl de andere vingers samengespannen zijn. De duim dient tegen de middelvinger te duwn. Dit wapen wordt voornamelijk gebruikt tegen de ogen of luchtpijp.

Dubbele vingertoppen (Doo Sonkarak)
Dubbele vingertoppen (Doo Sonkarak)
Zowel de wijsvinger als middelvinger zijn uitgestrekt, maar licht gebogen. De andere vingers zijn aangespannen en de duim drukt tegen de ringvinger. Deze techniek wordt allen tegen de ogen gebruikt.

Maanhand (Bandal Son)
Maanhand (Bandal Son)
Buig drie vingers iets dieper dan de wijsvinger terwijl de buim gebogen is in de richting van de pink. Deze techniek wordt gebruikt om de adamsappel, punt van de kin en de bovenkant van de nek mee aan te vallen. De ruimte tussen de secundaire knokkel van de wijsvinger en de duim wordt gebruikt. De maanhand wordt ook wel toegepast bij blokkeringen.

Achterhand (Sondung)
Achterhand (Sondung)
Dit is een gewone open hand maar door het drukken van de duim tegen de wijsvinger wordt deze techniek gebruikt om het gezicht, kaak, lip en bovenbuik mee aan te vallen. Af en toe wordt de achterhand ook gebruikt bij blokkeringen.

Voorarm (Palmok)
Voorarm (Palmok)
Deze techniek wordt gebruikt voor blokkeringen en is onderverdeeld in buiten (bakatpalmok), binnen (anpalmok), achter (dungpalmok) en onder voorarm(mitpalmok). Een-derde van de arm, vanaf de pols tot aan de elleboog, wordt gebruikt.

Elleboog (Palkup)
Elleboog (Palkup)
De elleboog wordt verkregen wanneer de arm scherp is gebogen. Deze techniek wordt gebruikt om het borstbeen, borst, buik, punt van de kin, ribben, kaak etc. mee aan te vallen. Deze techniek is onderverdeeld in een voorwaartse, zijwaartse, rechte, hoge, opper en achter elleboog. Vaak wordt de neerwaartse rechte elleboog toegepast in blokkeringen.

Pincher Vingers (Jipge Son)
Pincher Vingers (Jipge Son)
Drie vingers zijn gesloten terwijl de duim en de wijsvinger zijn uitgestrekt om de vorm van pincers te verkrijgen. Deze techniek wordt toegepast bij aanvallen op de adamsappel en de keel. De secundaire knokkel van de middelvinger wordt gebruikt samen met de toppen van de duim en de wijsvinger.

Onderzijde Meshand (Sonkal Batang)
Onderzijde Meshand (Sonkal Batang)
Deze techniek wordt verkregen als de pols gebogen is in de richting van de duim en wordt gebruikt om het sleutelbeen aan te vallen.

Bereklauw (Gomson)
Bereklauw (Gomson)
Buig alle vingers sterk inwaarts. Deze techniek wordt voornamelijk toegepast om de kaak aan te vallen. Af en toe wordt met deze techniek ook het borstbeen aangevallen.

Vingerbuik (Songarak Badak)
Vingerbuik (Songarak Badak)
Dit gedeelte van de hand wordt alleen gebruikt om de achtervuist te ondersteunen als er aangevallen wordt met een rugkant vuistslag (dungjoomuk taerigi) door hem in te zetten op het moment van impact.

Gebogen pols (Sonmok Dung)
Gebogen pols (Sonmok Dung)
Dit aanvalswapen wordt gevormd door de pols naar beneden te buigen. Het wordt gebruikt om blokkeringen uit te voeren. Zorg ervoor de pols niet te ver te buigen.

Duimrug (Umji Batang)
Duimrug (Umji Batang)
Dit wapen is vergelijkbaar aan de maanhand, behalve het feit dat de duim ver naar beneden gebogen wordt. Het wordt gebruikt om blokkeringen uit te voeren.